Vikingen
Sommige historici geloven dat Ioliet de edelsteen was die door de oude Vikingen werd gebruikt om hen te helpen de oceanen te bevaren. Ioliet heeft een bepaalde optische eigenschap, pleochroïsme genaamd, die de kleur van de steen verandert afhankelijk van de hoek waarin het licht binnenkomt. Wat het vooral nuttig maakte voor de Vikingen, was de gevoeligheid van Iolite, het pikt zelfs op bewolkte dagen licht van de zon op.

Op bewolkte dagen waar de Vikingen de zon niet konden gebruiken voor navigatie, werd een iolietkristal geplaatst in een houten frame dicht bij de navigator van het schip, zodra de boot uit koers zou raken, zou het licht onder een andere hoek de steen binnendringen en een andere tint vertonen.

Een klein kristal aan de basis van de Vikingoverheersing
Het succes van de Vikingen werd toegeschreven aan hun technologisch superieure schepen en zeevarende vaardigheden. Met hun langschepen zouden ze grote afstanden afleggen tot ze een kustplaats vonden waar ze een tactisch voordeel hadden, waarna ze snel en brutaal zouden toeslaan. De effectiviteit van deze tactiek gaf de Vikingen hun reputatie als angstaanjagende rovers en piraten, waardoor ze Europa meer dan tweehonderd jaar konden blijven overvallen.

Recente ontdekkingen hebben sommige archeologen ervan overtuigd dat zich aan boord van elk Vikingschip een klein iolietkristal bevond, waardoor ze op dat moment alle andere naties te slim af waren.